Over de SSC

Vertel me meer over de Sailhorse Ik wil direct lid worden

Leden van de SSC kunnen inloggen en in de toekomst gebruik maken van extra functies op de website. Wel lid, maar nog geen gebruikersnaam en wachtwoord? Neem contact op met het secretariaat

Agenda

Historie: Sailhorse

De door Tom Manders ontworpen Seahorse werd in het voorjaar van 1970 geïntroduceerd door 'Watersportcentrum De Woudfennen' en voor het eerst tentoongesteld op de Europese watersportbeurzen. De verkopen waren explosief te noemen.

 

 

Werd eerst de kiel omhoog gehesen met een liertje, vanaf zeilnummer 350 werd een spindelconstructie geïntroduceerd. Daarmee veranderde wel de boot, want de kiel werd iets naar voren verplaatst, maar de zeileigenschappen verbeterden sterk. De dubbele bodem werd nu vol geschuimd. De verkoop nam steeds grotere vormen aan en de productie werd overgenomen door Seahorse Jachtenbouwmaatschappij en verplaatst van Langweer naar Akmarijp. Ook de Duitse markt trok enorm aan. In deze periode, begin jaren zeventig, werden wel 300-400 boten per jaar gebouwd en afgeleverd.

 

 

Naamsverandering

Eind 1973 kwam er een naamsverandering tot stand door de bescherming van de merknaam Seahorse, gevoerd door Johnson buitenboordmotoren. De nieuwe naam werd Sailhorse (vanaf bootnummer 1000) en het zeilteken veranderde van een zeepaardje in een gestileerde paardenkop. Tegelijk werd de bouwwijze grondig veranderd. In samenwerking met chemieconcern Bayer werd een nieuw procédé toegepast, het zogenaamd Bayer-Depot-Verfahren. Daarbij werd in zware mallen eerst een gelcoat gespoten en er werd één glasvezelmat aangebracht, waarna de mallen werden gesloten en gevuld met een sterk expanderend schuim. Het doel was een snellere bouwtijd en een sterkere romp.

 

 

Eind 1974 ging de bouwer Sailhorse Jachtenbouwmaatschappij failliet en werd overgenomen door Cather Friesland B.V. De naam Cather was een samenvoeging van Ten Cate (Ten Cate Nijverdal) en mede-eigenaar ten Herkel. De bouwwijze werd aangepast, nu met een dikkere buitenschaal en zonder het Bayer procédé (vanaf bootnummer ± 1450). Nog steeds werden er grote aantallen verkocht en de nieuwe bouwer ondersteunde het wedstrijdzeilen van harte.

 

 

Waarborg

Helaas hield Cather Friesland b.v. het niet vol en ging een paar jaar later failliet. Er was nog een grote orderportefeuille, maar door experimenten met andere bootstypen (catamaran en surfplank) kon men het hoofd niet meer boven water houden. Daarna besloot de S.S.C. het heft in eigen hand te nemen en er voor te zorgen dat de bouwrechten en later ook de bouwmallen in eigendom van de vereniging kwamen. Een waarborg voor een waardevast schip en de zekerheid dat de bouw altijd mogelijk is.

 

 

Jachtbouw Vlieger uit Oude Tonge werd bereid gevonden de Sailhorse te bouwen. Door Vlieger werd in 1980 een kwaliteitsproduct op de markt gezet (vanaf zeilnummer 2349). De Sailhorse werd gebouwd zonder schuim maar met waterdichte luchtkasten. De eerste Sailhorses van zijn hand varen nu nog vooraan in de wedstrijdvelden, wat de kwaliteit van het product onderstreept. Aan het eind van de tachtiger jaren moest hij om gezondheidsreden de bouw staken.

 

 

De S.S.C., immers in bezit van de bouwrechten en bouwmallen, heeft er toen voor gekozen het casco vanaf 1990 te laten maken bij Keizer op Texel en de afbouw en verkoop in handen te geven van Gebr. De Kloet in Kortenhoef. Vanaf zeilnummer 2500 wordt nog steeds de Sailhorse daar gebouwd op dezelfde wijze als door Vlieger.